Angst bij kinderen, hoe ontstaat het en hoe ga je er mee om als ouder?

Iedereen heeft er wel eens last van. Zowel angst bij kinderen als bij volwassenen komt heel vaak voor. Ik heb er zelf ook last van. De afgelopen weken ben ik namelijk weer wat angstig. Deze angst is ontstaan in Oktober vorig jaar. Toen kreeg Rico zijn eerste epileptische aanval. Op dat moment was hij pas 6 maanden oud. Sinds die dag is de angst voor nieuwe aanvallen steeds wel aanwezig. Helemaal omdat er nu, na al die maanden, een duidelijk patroon in de terugkerende aanvallen zit. Namelijk: 2 maanden.

Deze week zitten de 2 maanden er weer op. Ik merk aan mijzelf dat ik daar toch wel weer meer mee bezig ben. Deze angst probeer ik niet over te brengen op de kinderen. Immers, ik weet nooit zeker of Rico ditmaal weer een aanval zal krijgen. Bij mijn kleuterzoon begint deze angst nu net wat naar de achtergrond te verdwijnen. Hij was erbij toen Rico de laatste keer een aanval kreeg.

Vorig jaar tijdens de sinterklaasperiode was mijn kleuterzoon ook erg angstig. En dat is ook logisch want het is natuurlijk ook hartstikke spannend. Maar ook erg vermoeiend. ’s Nachts vaak wakker, moeite om in te slapen, lampen die door het hele huis aan moesten blijven.  Zo snel Sinterklaas het land weer uit was, zo snel waren de angsten ook weer voorbij. Angst bij kinderen komt veel vaker voor en het is als ouder de taak om daar zo goed mogelijk mee om te gaan. Want wat voor ons maar iets kleins lijkt, kan voor een kind enorm zijn.  Zo zijn er nog veel meer soorten angsten, maar hoe herken je het en hoe ga je daar nu mee om als ouder?

Ik vroeg het Christine Nauta, pedagoog van GGD Fryslân en zij schreef er het volgende over:

Angst bij kinderen

Iedereen is weleens bang. Angst is een gewone emotie die we allemaal kennen. Het ervaren van nare gevoelens hoort bij het opgroeien. Van nature ben je als mens bang voor verschijnselen, die je nog niet begrijpt of die je lichamelijk in gevaar brengen. Angst hoort bij elke verandering en elke nieuwe situatie.

angst bij kinderen

Angst bestaat uit een lichamelijk reactie, gedachten over de situatie en de neiging om de situatie te vermijden. De angst wordt minder wanneer je regelmatig contact hebt met de bedreigende prikkel en merkt dat het wel meevalt. De angst wordt groter, als blijkt dat er sprake is van een reële dreiging.

Soorten angst bij kinderen:

Veel angsten horen bij de normale kinderangsten, afhankelijk van de fase waarin een kind zich bevindt. Er zijn verschillende soorten angst:

  • Leeftijdsgebonden angsten: Deze angst verandert als er meer begrip ontstaat over het angstobject of angstsituatie. Voorbeelden zijn: vliegtuigen, dieren, harde geluiden zoals een boormachine, een tandartsbezoek, uit logeren gaan etc.

Deze angsten gaan over met de tijd en het is belangrijk dat een kind hiermee stapsgewijs leerervaringen kan opdoen. Een bemoedigende houding van de ouder is hierbij nodig.

  • Oerangsten: Deze angst heeft te maken met ideeën over hoe je kunt verdwijnen of vernietigd kunt worden. Voorbeelden zijn: water, vuur, hoogtes, alleen zijn, donker, etc.

Om een kind zich veilig te laten voelen is het belangrijk om voorbeeldgedrag te laten zien.

  • Angsten ten gevolge van meegemaakte gebeurtenissen: Deze angsten ontstaan door heftige gebeurtenissen. Bijvoorbeeld een ziekenhuisopname, een ongeluk, pesten etc.
  • Irrationele angsten: Dit zijn angsten die een eigen leven gaan leiden in de fantasiewereld van een kind, bijvoorbeeld doordat er dingen zijn die onduidelijk zijn of spanning geven in de omgeving, doordat een kind nog niet alles begrijpt en zijn eigen conclusies ergens aan verbindt.

How to react?

Kinderen zoeken bij angsten de bescherming van hun ouder(s). Dat maakt dat ze hun ouders nodig hebben. De angst uiteindelijk overwinnen doet een kind in principe zelf.

Als kinderen leren om hun angsten de baas te worden, dan hebben ze daar hun hele leven iets aan. Ouders kunnen hun kinderen daarbij helpen:

  • Neem de angsten van het kind serieus.
  • Probeer de oorzaak van de angst te achterhalen. Neem indien mogelijk de oorzaak weg.
  • Heb geduld en toon begrip.
  • Reageer als ouder rustig en ontspannen. Straal zekerheid uit.
  • Leer het kind in kleine stapjes met de angst omgaan.
  • Geef als ouder een goed voorbeeld.
  • Geef uitleg en stimuleer positieve gedachten.

Wat kun je beter NIET doen:

  • De angstige situatie vermijden.
  • Uw kind door de angst heen laten bijten / dwingen het angstige toch te doen.
  • Zeggen dat uw kind zich niet moet aanstellen.
  • Zelf net doen alsof u nooit bang bent.

Bronnen:

Oosterhof-van der Poel, M.M.W., (2010) Opvoedingsproblemen 0-4 jarigen, Assen, Nederland, Van Gorcum.

Oosterhof-van der Poel, M.M.W., (2013) Opvoedingsproblemen 4-12 jarigen, Assen, Nederland, Van Gorcum


Geschreven door: Christine Nauta, pedagoog GGD Fryslân

Comments

  1. […] we bij die datum kwamen. Aan de ene kant wilde ik er niet te veel bij stilstaan. Je elke keer door angst laten leiden is ook niet goed. Maar het hield mij toch ongemerkt bezig. Zondag 1 April ging rustig […]

Geef een reactie